Professionele ontwikkeling

Ervaringsleren centraal tijdens (Be)leven met epilepsie

Hoe voelt het om te leven met epilepsie? En wat gebeurt er wanneer professionals niet alleen weten wat epilepsie is, maar het ook beleven?

Op 18 februari kreeg deze vraag een bijzonder podium bij het Centrum voor Epilepsiewoonzorg (CEW) van expertisecentrum Kempenhaeghe. Tijdens een inspirerende dag over ervaringsleren kwamen zorgprofessionals, ervaringsdeskundigen en deelnemers van het lerend netwerk samen om zich onder te dompelen in de wereld van mensen met epilepsie.

In een programma vol inzichten, gesprekken en interactieve werkvormen werd voelbaar hoe krachtig ervaringsleren kan zijn in het vergroten van bewustwording en het verdiepen van persoonsgerichte zorg. Want hoewel je nooit precies kunt ervaren wat iemand met epilepsie dagelijks doormaakt, brengt het benaderen van die beleving je dichter bij hun perspectief – en daarmee ook dichterbij écht passende zorg.

Deze dag werd door CEW georganiseerd vanuit de deelname aan het lerend netwerk “ervaringsleren” dat valt binnen het programma begeleiding a la carte 2, wordt uitgevoerd door @Vilans en gesubsidieerd door het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport(VWS) als onderdeel van toekomstagenda “zorg en ondersteuning voor mensen met een beperking”.

Workshop (Be)leven met epilepsie

De workshop (Be)leven met epilepsie, verzorgd door videocoach Inge Botteram en autismespecialist Mandy Saes, bood deelnemers een unieke ervaring. Door middel van opdrachten en reflecties voelden zij hoe epilepsie iemands dagelijks leven kan beïnvloeden.

Patrick en Roland van BuroMEGA deelden hun persoonlijke verhalen over leven met epilepsie, inclusief de beperkingen en bijwerkingen van medicatie. “Als je wilt weten hoe het is om epilepsie te hebben, dan moet je luisteren naar iemand die epilepsie heeft en vragen stellen,” aldus Liz, ervaringsdeskundige bij BuroMEGA.

Dynamiek tussen cliënt, ouder en zorgprofessional Ook persoonlijk activiteitenbegeleider Nicole Davits en Miranda Dirks, familie-ervaringsdeskundige en zorgprofessional bij Kempenhaeghe, gaven inzicht in de dynamiek tussen cliënt, ouder en zorgprofessional. In een werkvorm met rollenspel ervoeren deelnemers hoe samenwerking soms op spanning kan staan. “Ik was in de rol van de cliënt en ik werd gewoon vergeten!?”, vertelde een deelnemer verbaasd.

In de wijk Kloostervelden in Sterksel werd duidelijk hoe zorg en samenleving samenkomen. Tijdens een stiltewandeling ervoeren deelnemers hoe bewoners met een (zeer) ernstige meervoudige beperking hun omgeving beleven. Een bewoner deelde haar ervaring over haar langdurige verblijf bij Kempenhaeghe.

Epilepsie zichtbaar maken De dag werd afgesloten met een bezoek aan de fototentoonstelling Zichtbaar - Onzichtbaar: Van Aanval naar Impact van Kempenhaeghe-collega en documentaire-fotograaf Anita van de Manakker in Atelier Galerie Kempro. De expositie maakte diepe indruk. “Het verhaal van het meisje raakte mij, zeker hoe die ouders dat ervaren. Dat de impact van epilepsie op een jong kind zo groot is. Dat haar brein niet goed verder kan ontwikkelen door de aanvallen”, was één van de aangrijpende reacties.

Deze inspirerende dag gaf nieuwe inzichten in hoe epilepsie niet alleen medische, maar ook sociale en emotionele gevolgen heeft. Door beleving en perspectief samen te brengen, ontstond er ruimte voor meer bewustwording, begrip en persoonsgerichte zorg.

De Lecturer Practitioner en het Zorginnovatienetwerk

Binnen CEW zijn er acht woonafdelingen die behoren tot het Zorginnovatienetwerk (ZIN) van Fontys Mens en Gezondheid. Een ZIN is een professionele werkplaats die gevestigd is in de beroepspraktijk en waar zorgprofessionals en studenten onder aansturing van Lecturer Practitioners (LP-ers) een brug vormen tussen theorie en praktijk.

Het ZIN startte in 2019, maar de voorloper hiervan bestaat als sinds 2010. Inge Smits, LP’er: “Toen zijn we gestart op één woning als Zorginnovatiecentrum (ZIC) en vanuit de uitbreiding is het ZIN ontstaan”.

Iedereen is lerende

Het doel van het ZIN is om door een continu (cyclisch) proces van werken, leren, onderzoeken en innoveren de kwaliteit van zorg voor de cliënten te optimaliseren. Op iedere ZIN-afdeling lopen dagelijks meerdere studenten stage en zijn medewerkers met een verzorgende, verpleegkundige of agogische achtergrond actief betrokken in de begeleiding en ontwikkeling. Daarnaast participeren zowel studenten als medewerkers in verbeter-/afstudeerprojecten. Voor deze onderzoeken worden er in samenspraak met betrokken medewerkers langlopende lijnen en thema’s vastgesteld en op basis daarvan concrete opdrachten uitgezet. Op deze manier is iedereen lerende. Per ZIN-afdeling zijn er aandachtsfunctionarissen aangesteld die een focus hebben op studentenbegeleiding. Driemaandelijks organiseren de LP-ers een bijeenkomst waarin zij met een relevant thema aan de slag gaan naar aanleiding van evaluaties. De opgedane kennis dragen zij vervolgens binnen de afdeling uit. Door het creëren van een klimaat waarin iedereen lerende is, worden nieuwsgierige vragen gesteld aan elkaar en wordt er kritisch gekeken; ‘Waarom’ doen we dit eigenlijk zo? Kan dit ook anders? Medewerkers blijven leren van en met studenten die vragen stellen over de gehanteerde werkwijze.

Evaluatie

Het onderhouden van een goedlopend ZIN vergt veel voorbereiding en continue evaluatie. Samen met medewerkers en studenten wordt het leerklimaat door de LP-ers dan ook ondersteund en met regelmaat geëvalueerd. Van daaruit volgen acties om het verder te optimaliseren.

  • Op kleinschalige manier wordt structureel geëvalueerd hoe de samenwerking in de praktijk wordt ervaren tussen student en werkbegeleider, waarbij LP-ers aansturen op het met regelmaat gebruikmaken van attitudemeters. Niet alleen de student krijgt hierbij feedback op het functioneren, maar ook de werkbegeleider. Hoe is zijn of haar inzet en betrokkenheid door de student ervaren? Was hij of zij voldoende empathisch, assertief en integer? Aan de hand van de genoemde aandachtspunten, groeit zowel de student als de medewerker door in zijn/haar rol.
  • Daarnaast wordt ook per ZIN-afdeling geëvalueerd. Wat heeft een specifieke afdeling nodig? Waar liggen eventuele aandachtspunten? Zijn er veranderingen noodzakelijk? En zo ja, hoe wordt dat aangepakt? De aanwezigheid van studenten, de (veilige) leerklimaten en de extra uitdagingen die onderzoeks- en afstudeerprojecten bieden, maken dat studenten en medewerkers vaak bewust kiezen voor het werken binnen een ZIN-afdeling. Een aanzienlijk deel van de studenten blijft er na afloop van de stage werkzaam en ontwikkelt zich verder door.

Enquête ZIC ZIN

Binnen het ZIN is leren iets dat de hele dag door gebeurt. Het zit in kleine momenten: een student die een vraag stelt, een collega die een nieuwe werkwijze uitprobeert, een gesprek in de wandelgang dat ineens tot een inzicht leidt. Omdat we dat continue leren belangrijk vinden, is er een enquête uitgezet om te horen hoe het werken in een ZIN‑omgeving écht wordt ervaren. 53 collega's uit alle ZIN woningen gaven hiermee inzicht in hoe zij het leerklimaat beleven, een brede en waardevolle respons die een mooi inkijkje geeft in de dagelijkse praktijk.

Wat uit de reacties spreekt, is vooral de energie. Veel collega’s beschrijven hoe studenten zorgen voor nieuwe ideeën en frisse perspectieven, waardoor je zelf ook anders naar je werk gaat kijken. Het leren en ontwikkelen samen met het team wordt zelfs één van de sterkste punten genoemd, met een waardering van 4,09 op een 5‑puntschaal. Ook de openheid om nieuwe dingen te proberen scoort hoog (4,06). Dat voel je in opmerkingen zoals: “Nieuwe projecten waar we veel van leren en de zorg op aan kunnen passen.”

Tegelijkertijd laten de verhalen ook zien waar we nog kunnen groeien. Feedback geven en echt even stilstaan bij hoe het gaat, gebeurt nog niet overal vanzelf (3,19). Gezamenlijke reflectie op leerdoelen blijft soms onder druk staan in de hectiek van de dag (3,13). En meerdere teams geven aan dat ze de Lecturer Practitioner wat vaker op de vloer zouden willen zien, om nog sterker samen te kunnen leren.

Toch is de toon over de hele linie positief. De leercultuur krijgt een 7,28, en de inzet van de LP-er een 7,68. Het verhaal dat uit alle woningen naar voren komt, is dat de basis stevig staat: er is motivatie, nieuwsgierigheid en bereidheid om open te blijven leren. En juist omdat die basis goed is, liggen er mooie kansen om dat leren nog meer onderdeel te maken van hoe we elke dag samenwerken binnen het ZIN.

Vooruitblik

Vanaf 2026 zal er nog meer aangesloten worden bij de clusterontwikkeling binnen het CEW. Het nieuwe curriculum van Fontys Verpleegkunde zal ook samen met de ZINwoningen in de praktijk geïmplementeerd worden. Samenzorg krijgt hier steeds nadrukkelijker een plek in. Daarbij wordt ook de samenwerking met Fontys Sociale Studies verder versterkt.